Coöperatief Ondernemen Kan Op Alle Niveaus
  • 12-12-2017
  • Interview met Ruud Hoemakers

Coöperatief ondernemen kan op alle niveaus

“Van jongs af aan wilde ik ondernemen. Maar toen ging ik trouwen en kregen we kindjes. Mijn vrouw komt uit een ondernemersgezin en zei: ‘Doe maar niet, ondernemen is veel zorgen en hard werken, je gaat de kinderen maar weinig zien.’ En toch, bloed kruipt waar het niet gaan kan. Toen mijn dochters groot waren, greep ik mijn kans. Het was in 1990. Ik startte in Twente een arbodienst met een heel eigen visie. Grote arbodiensten stuurden alle arbeidsongeschikten naar de bedrijfsartsen. Wij zeiden: ‘Nee, wij zetten een triageur in, iemand die vooraf selecteert’. Bij fysieke ziekte verwees die door naar de bedrijfsarts. Maar vaak was er wat anders aan de hand, bijvoorbeeld moeilijkheden in de relatie met de werkgever. In zo’n geval boden we mediation. Daardoor konden arbeidsongeschikten sneller hun werkzaamheden hervatten.” Onderkant van de samenleving “In 1996 kwam de Wet uitbreiding loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor werkgevers. Zilveren Kruis kwam naar ons toe. Ze hadden een verzekering tegen ziekteverzuim en die wilden ze graag met ons uitvoeren. Ik zei: ‘Maar wij zijn maar een kleine arbodienst’. Toch wilden ze met ons werken vanwege onze visie. Vervolgens zijn wij van klein groot geworden. De band met Achmea is blijven bestaan. Ik heb in 2008 voor Achmea onderzoek verricht naar diversiteit, samen met het Landelijk Overlegorgaan Minderheden. Daaruit bleek dat minderheden vaak onderverzekerd zijn. In 2015 deed ik voor Achmea en ArbeidsmarktLab een onderzoek naar de onderkant van de samenleving. Voor een maatschappelijke organisatie als Achmea is het van groot belang oog te hebben voor de groeiende groep mensen die hun zorgkosten niet kunnen betalen en tegelijkertijd de meeste zorg consumeren. Achmea heeft er belang bij dat zij werken en hun zorgkosten kunnen betalen. Nog los van het positieve effect op hun leven en op de maatschappij.” Tweedeling tussen arm en rijk “Ik houd me bezig met coaching en begeleiding van studentenbedrijven via Jong Ondernemen en van talentvolle vrouwelijke ondernemers via het Europese project WE (Women Entrepreneurs) keep on growing. Mijn kennis en ervaring breng ik in in de Ledenraad. Er zijn twee grote uitdagingen waar ook Achmea mee te maken krijgt: onze ecologische voetafdruk en de tweedeling tussen arm en rijk. Ik houd me vooral met het laatste bezig. Ik denk dat kennis van ondernemen bij dit vraagstuk kan helpen. En dan vooral van coöperatieve vormen van ondernemen.” Mensen aan het werk houden “Coöperatief ondernemen kan op alle niveaus. Zet…

Lees verder
Waar Doen We Het Voor, Dat Moet Altijd De Vraag Zijn
  • 29-11-2017
  • Interview met Saloua Chaara

Waar doen we het voor, dat moet altijd de vraag zijn

“Binnen de Regio Gooi- en Vechtstreek zijn er zeven gemeenten. De gemeenteraden van deze gemeenten bepalen elke vier jaar waar de samenwerking in de regio over moet gaan. Dit doen ze aan de hand van een gezamenlijke Regionale Samenwerkingsagenda. Samen met mijn collega’s vertaal ik de speerpunten van deze agenda naar concrete programma’s en projecten. Vervolgens voeren wij die met gemeenten, inwoners en verschillende partners uit.” Politieke context “Ik heb politicologie gestudeerd in Amsterdam. De politieke context waarin ik me nu beweeg, brengt mijn studie en mijn werk samen. Ik heb te maken met maatschappelijke opgaven, politieke en bestuurlijke thema’s en besluitvormingsprocessen. Bovendien sta ik midden in de samenwerking tussen verschillende partners met soms verschillende belangen. Dit maakt mijn werk heel uitdagend. Het is de kunst om altijd op het beste resultaat voor inwoners uit te komen. Daar doen we het uiteindelijk voor. Belangrijk daarbij is dat we met elkaar de essentie bewaken. We moeten er met elkaar uit zien te komen. Daar zet ik mij voor in. Ik probeer daarbij altijd heel goed te luisteren, zuiver te blijven over het doel en scherp op welke kant we uit willen. Natuurlijk moet je soms compromissen sluiten, maar die probeer ik vaak in de aanpak te verwerken, en niet in het doel. Tenslotte hebben gemeenten in onze regio veel tijd en energie geïnvesteerd in een gezamenlijke visie op dat doel.” Inclusie bevorderen “Janny Bakker, een wethouder met wie ik veel samenwerk, vertelde me dat de Ledenraad van Vereniging Achmea op zoek was naar nieuwe leden. Ik ben er eens gaan kijken. In de Ledenraad worden brede maatschappelijke discussies gevoerd over thema’s die ik belangrijk vind. Daarom heb ik me kandidaat gesteld. Het gemeentelijke perspectief is me bekend, het perspectief van de zorgverzekeraar is nieuw voor me. Dat vind ik interessant. Daarnaast leek het me goed om met al die mensen uit de Ledenraad de dialoog te voeren over deze maatschappelijke thema’s. Dit levert inspiratie en nieuwe inzichten op. Ik heb me aangesloten bij de themawerkgroep Werk & Inkomen. Wat ik binnen dit thema heel belangrijk vind, is inclusie. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of met een beperking komen moeilijk aan het werk. Dat vind ik een wezenlijk punt. Werk hebben en zoveel als mogelijk onafhankelijk mee kunnen doen is wat mij betreft een levensbehoefte. Ik vind het mijn taak om binnen de werkgroep te borgen dat die inclusie overal…

Lees verder
Coöperatief Denken Beleeft Comeback
  • 23-11-2017
  • Interview met Ernst Hirsch Ballin

Coöperatief denken beleeft comeback

“Ik heb al heel lang contact met Achmea”, vertelt Hirsch Ballin. “Toen in 1994 verschillende coöperatieve verzekeraars als één bedrijf verder gingen, wilden ze concreet gestalte geven aan hun maatschappelijke betrokkenheid. De nieuwe groep vond dat verbetering van de hulp aan slachtoffers extra aandacht nodig had. Toen is Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving (SASS) opgericht, die projecten op het gebied van slachtofferschap financieel ondersteunt. Ik werd gevraagd als voorzitter.” Collectieve context “Als minister van Justitie ben ik al met het onderwerp slachtofferschap bezig geweest. Dat was de ingang voor mijn betrokkenheid bij Achmea. Naast mijn werk voor SASS bezocht ik ook bijeenkomsten van de Ledenraad van Vereniging Achmea en raakte ik geïnvolveerd in wat er omging in de Achmea-familie. Toen ik in 2011 weer ruimte kreeg voor nieuwe dingen, vroegen ze me lid te worden van het bestuur van Vereniging Achmea. Het bestuurswerk doe ik met overtuiging. Verzekeren is een belangrijk maatschappelijk organisatiepatroon om mensen die in de knel zijn gekomen te ondersteunen. Zeker verzekeraars met coöperatieve waarden zijn daarbij van belang. Want een deel van de risico’s leent zich niet voor commerciële, vrijwillige verzekeringen. Pensioen en zorg bijvoorbeeld kunnen we het best in collectieve context regelen, zodat wat er opgebouwd wordt beschikbaar blijft voor voortzetting van het verzekeringsbedrijf.” Vanzelfsprekend onderdeel “Het coöperatieve denken heeft sinds de negentiende eeuw een belangrijke rol gespeeld. Het is vervolgens uit de belangstelling geraakt, omdat het een vanzelfsprekend onderdeel werd van ons sociaaleconomische bestel. Het bewustzijn van het belang van het coöperatieve denken werd weer scherper in reactie op de verharding tijdens het neoliberalisme sinds Margaret Thatcher. Toen bleek dat niet iedereen zich onder alle omstandigheden kan redden. Het coöperatieve denken is en blijft dan ook belangrijk. In de 19de eeuw speelde het leven van de meeste mensen zich af langs een vaste en bestendige lijn. De bakker was de zoon van de bakker en de vader van de bakker. Er was een hoge graad van continuïteit en stabiliteit. In de moderne samenleving zijn deze traditionele vormen van leven verdwenen en staan we voortdurend bloot aan veranderingen. Daarbij blijkt dat we niet iedereen maar aan zijn lot kunnen over laten. We moeten elkaar tot steun zijn, omdat we alleen met elkaar de risico’s van die veranderlijkheid de baas kunnen blijven. Daarom vangen we elkaar op, in grotere verbanden dan voorheen, maar nog altijd met oog voor de zorgen van de individuele leden en hun…

Lees verder
Meer Begrip Door Te Verdiepen In De Andere Kant
  • 14-11-2017
  • Interview met Hans van Goudoever

Meer begrip door te verdiepen in de andere kant

“Ik probeer vanuit mijn positie een steentje bij te dragen, om te zorgen dat het geld dat mensen betalen voor hun verzekering ook zo goed mogelijk wordt besteed. Nu ik een tijdje rondloop, zie ik hoe het aan de andere kant van de tafel gaat en krijg ik ook meer begrip van hoe men vanuit Achmea aan het werk is.”  Hans van Goudoever, hoofd Emma Kinderziekenhuis in het AMC en hoofd Kindergeneeskunde VUmc, vertelt over zijn lidmaatschap van de Ledenraad.

Lees verder
Vereniging Achmea – Magazine 2017
  • 14-11-2017
  • Interview met Thea Freudenberger

Vereniging Achmea – Magazine 2017

"Vereniging Achmea is de vereniging van de klanten van Achmea. Dat klinkt voor ons al heel vanzelfsprekend. Toch weten veel klanten en medewerkers van Achmea niet wat Vereniging Achmea precies doet. En hoezeer Vereniging Achmea een vernieuwingsslag heeft door gemaakt. Daarom is er dit magazine. Om te vertellen waar wij voor staan. Om te laten zien welke vernieuwingen wij in de afgelopen jaren tot stand hebben gebracht. En om de leden van de Ledenraad en het Bestuur een gezicht te geven door hun verhalen te delen. Bij deze: het eerste informatiemagazine van de vernieuwde Vereniging Achmea" vertelt Thea Freudenberger van Vereniging Achmea. NIEUW! Het eerste informatiemagazine van Vereniging Achmea. Lees het hier >

Lees verder
Hoe Klanten Klanten Helpen Om Schades Te Voorkomen
  • 08-11-2017
  • Interview met Edwin Schokker en Sjak van Nieuwkuijk

Hoe klanten klanten helpen om schades te voorkomen

Edwin Schokker is zelfstandig consultant klimaatbeheersing en gebouwautomatisering. Hij is lid van de Klantenraad van Woonfonds en zit namens die Klantenraad in de Ledenraad van Vereniging Achmea. Sjak van Nieuwkuijk is manager Veiligheid & Preventie bij Interpolis. Edwin en Sjak hebben elkaar gevonden in hun gezamenlijke interesse in klimaatonderwerpen en spreken ook buiten de thema-werkgroep af. “Preventie en bewustwording zijn belangrijke onderwerpen binnen de thema-werkgroep Klimaat”, vertelt Edwin. “Daarover zijn wij ook samen in gesprek. Zijn mensen zich bewust van wat er voor kan vallen? Houden ze preventief rekening met wat er kan gebeuren? En wat kunnen ze doen om de gevolgen van klimaatverandering te beperken?” Nieuwe filosofie Sjak vult aan: “Ik ben 32 jaar geleden bij Achmea begonnen als bouwkundige. Als er ergens schade was aan gebouwen, werd ik erheen gestuurd. Ik heb dat 25 jaar gedaan, waarvan 10 jaar als lid van het management team. Toen realiseerde ik me: Raar dat we mensen premie laten betalen en dan gaan zitten wachten tot er iets gebeurt. We zeiden bij Interpolis: We gaan dienstverlening ontwikkelen die klanten helpt om schades te voorkomen. Vanuit die nieuwe filosofie ben ik met het onderwerp klimaat bezig.” “Door klimaatverandering wordt klimaatbeheersing in bestaande gebouwen steeds lastiger”, vertelt Edwin. “Het binnenklimaat is steeds moeilijker te regelen, omdat het weer onvoorspelbaar is geworden. Wat kun je doen om schadelijke gevolgen hiervan te minimaliseren? Maar ook: hoe kun je het energieverbruik in een pand verlagen en zo de CO2-uitstoot verminderen? Over dat soort dingen spreken we.” Twee niveaus “Er zijn twee niveaus waarop we kunnen denken”, vervolgt Sjak. “Enerzijds: wat kan Achmea betekenen in de vermindering van CO2-uitstoot? Dat is het hoge niveau. Op een lager niveau werken we manieren uit om individuele klanten te helpen met praktische tips ter voorkoming van schade.” Edwin: “Techniek spreekt ons allebei aan. Domotica en slim gebruik van data kunnen helpen om de risico’s van klimaatverandering te verminderen. Zo heeft een leverancier van domotica bij de helft van zijn 20.000 klanten een weerstation in de tuin staan. Die data zijn heel goed te gebruiken om relevante informatie naar klanten te sturen, bijvoorbeeld waar en wanneer precies een storm over het land trekt. Dankzij deze techniek kunnen we mensen gerichter informeren.” Coöperatief denken 2.0 “We willen ervoor zorgen dat Nederlanders tussen de oren krijgen dat het klimaat verandert”, aldus Sjak. “Edwin wordt daarbij gedreven door zijn wens zijn kinderen een goede toekomst…

Lees verder
Ouderen Moeten Plek In Maatschappij Houden
  • 01-11-2017
  • Interview met Frieda Dooper

Ouderen moeten plek in maatschappij houden

“Van oorsprong ben ik wijkverpleegkundige. Ik wilde voor mensen zorgen. Maar ik ben eigenlijk steeds meer gegaan naar zorgen dat in plaats van zorgen voor. Bij zorgen voor neem je taken van mensen over. Zorgen dat is mensen in hun kracht zetten, zodat ze zelfstandig verder kunnen. Dat heb ik altijd belangrijk gevonden. Ook privé zit ik ‘in de zorg’. Samen met mijn gezin zorg ik voor mijn ouders. We regelen de administratie, wijzen ze de weg in zorgland en helpen bij hulpaanvragen. Verder doen mijn man, kinderen en ik praktische dingen, zoals de tuin en de boodschappen. Het is veel wat je naast de professionele zorgverlening moet doen. Ik heb dan ook kritische kanttekeningen bij de participatiemaatschappij. We willen mensen zo veel mogelijk in hun eigen omgeving opvangen, maar het moet wel haalbaar zijn, ook voor de familie. Anders moet het zo zijn dat ouderen ergens anders heen kunnen, bijvoorbeeld naar een verzorgingscentrum.” Een pond welzijn “Mijn werk is een mooie ingang voor de Ledenraad. Ik heb me aangesloten bij de werkgroep ‘Prettige oude dag’. Het onderwerp waar we ons op dit moment over buigen is welzijn. Een bestuurder zei eens: Een pond welzijn scheelt een kilo zorg. Maar hoe krijgen we dat ook financieel onderbouwd? Welke initiatieven zijn er? Hoe gaan we bijvoorbeeld eenzaamheid tegen? Wat is daarbij belangrijk? Wat voor contact willen mensen? Er zijn al veel initiatieven, zoals de beeldtelefoon. Verschillende thuiszorgorganisaties zijn daarmee aan de slag. Ik ken de ervaringen en de resultaten van de onderzoeken. Die kennis breng ik in in de thema-werkgroep. Ik was eerder al lid van de verzekerdenraad van zorgverzekeraar De Friesland, omdat ik het belang van De Friesland wilde vertegenwoordigen bij Achmea. Ik heb nog steeds de indruk dat men denkt dat alle ontwikkelingen in het westen gebeuren, maar er gebeurt ook heel veel in andere gebieden. Friezen zijn bescheiden, maar dat is niet altijd wenselijk. Daarom wil ik mijn stem laten horen.” Waardevolle kennis “De invloed die ik wil hebben? Ik heb toegevoegde waarde in de werkgroep door mijn visie op de zorg en mijn kennis van zaken. Mijn persoonlijke drijfveer is om de zorg voor ouderen goed te regelen. Ik vind het nu een doolhof. Ik zie daar voor Achmea een dienstverlenende rol in. Binnen Achmea kunnen we met elkaar praktische voorbeelden uitwisselen en acties inzetten. En dan hoop ik dat het van onderop en niet te hiërarchisch…

Lees verder
Humor Is Bijna Een Overlevingsstrategie
  • 27-10-2017
  • Interview met Wendy Hoogendijk

Humor is bijna een overlevingsstrategie

Wendy Hoogendijk verloor haar vader bij een auto-ongeluk. Wendy heeft haar emoties omgezet in haar theaterprogramma Radiostilte. “Ik wil daarin laten zien hoeveel veerkracht we als mens hebben, terwijl we dat in eerste instantie helemaal niet weten of denken dat te hebben. Er ontstond een kracht vanuit het allerergste wat ik heb meegemaakt. Het maakt ons sterker als we er iets mee doen.” Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving (SASS) steunt dit initiatief. Vereniging Achmea verstrekt jaarlijks financiële middelen aan www.sass.nl

Lees verder
Af En Toe Moet Je Nog Heel Erg Boos Worden
  • 17-10-2017
  • Interview met Corinne Dettmeijer

Af en toe moet je nog heel erg boos worden

Corinne Dettmeijer concludeerde jaren geleden al dat te weinig bekend is over de gevolgen van kinderporno en de behoeften van slachtoffers. De slachtoffers zijn namelijk niet alleen misbruikt, maar beelden daarvan circuleren mogelijk nog steeds online. “Dat voegt een extra component toe aan hun slachtofferschap”, aldus Dettmeijer. “Toen het Canadian Centre for Child Protection ons benaderde om mee te werken aan de Survivors’ Survey, zeiden we dan ook volmondig ja.” Het onderzoek, dat financieel ondersteund werd door Stichting Achmea Slachtoffer & Samenleving (SASS), is inmiddels afgerond. Honderdvijftig slachtoffers uit verschillende landen hebben via internet de vragenlijst ingevuld. Bijna de helft van de deelnemers komt uit Nederland. Daarom is dit onderzoek ook bij uitstek voor Nederland relevant. Persoonlijke drijfveer “Cruciaal is dat we door het onderzoek een verandering kunnen gaan inzetten”, vervolgt Dettmeijer. “Want er is best veel bekend over hoe om te gaan met slachtoffers van seksueel misbruik, maar wat moeten we doen als de beelden op internet blijven circuleren? Slachtoffers blijven ermee zitten. Dat is ook ingewikkeld voor de hulpverleners. Dit onderzoek geeft een prachtige aanvulling op de kennis over wat slachtoffers nodig hebben. Daarom schrijf ik nu een brief met aanbevelingen aan de minister van Volksgezondheid en aan de minister van Veiligheid en Justitie: onderzoek wat slachtoffers nodig hebben, zet webcrawlers in die de beelden op internet kunnen opsporen en geef erkenning op financieel gebied, als steun in de rug en zetje in de goede richting. Dat is belangrijk. En dat ik iets kan betekenen in het leven van individuele mensen, is mijn persoonlijke drijfveer.” Helicopterview Dettmeijer was niet van plan om zich met jeugdhulp bezig te houden, toen ze civiel recht ging studeren. “In 1980 begon ik als Officier van Justitie in Rotterdam, bij jeugdzaken. Wij hebben toen Bureau Halt opgericht, dat direct interventies doet als jongeren strafbare feiten plegen. Een spannende tijd. Later werd ik kinderrechter in Den Haag. Ik heb daar heel veel kinderen met problemen gezien. Toen ik later eens op een bijeenkomst was voor de Joke Smitprijs, pakte één van de winnaars me bij de arm en zei: ‘U was mijn kinderrechter. Ik was slachtoffer van een loverboy en u heeft mij uit huis geplaatst en voor een belangrijk deel mijn leven gered.’ Aangrijpend dat je echt iets betekend hebt. In wat ik nu doe als Nationaal Rapporteur heb ik meer een helicopterview, meer afstand. Dat is ook nodig om dingen voor elkaar…

Lees verder
Kwaliteit Moeten We Met Elkaar Regelen
  • 13-10-2017
  • Interview met Stephan Valk

Kwaliteit moeten we met elkaar regelen

Sommige mensen hebben het moeilijk in het leven. Mij interesseert: Wat betekent dit voor iemand? Wat kunnen we daaraan doen?” Stephan Valk, voorzitter Raad van Bestuur van de GGZ-instelling Parnassia Groep en lid van de Ledenraad vertelt.  “Iedereen kan een depressie of andere psychiatrische stoornis krijgen”, vertelt Stephan. “Maar een deel van deze mensen is heel kwetsbaar door hun stoornis. Voor die mensen wil ik me inzetten, zij zijn de reden dat ik dit werk doe. En dat doe ik graag bij de Parnassia Groep. Onze medewerkers hebben de wil te innoveren en ontwikkelen. Tegelijkertijd werken we heel kleinschalig en gaat het goed op individueel patiëntenniveau. Dat is waar we voor staan.” Lokale aanwezigheid “Vanaf 2005 zijn er stapsgewijs organisaties aangesloten bij de Parnassia Groep, omdat we voor de gewenste specialisatie schaal nodig hadden. De gezamenlijkheid gebruiken we om dingen beter te kunnen doen, zoals opleiding, onderzoek, innovatie, ict en vastgoedbeheer. Ook de kennisdeling gaat sneller. Die grootschalige samenwerking werkt, omdat we ervoor zorgen dat we verder heel lokaal aanwezig blijven, bij huisartsen en in de wijken. Ook liggen de verantwoordelijkheden zoveel mogelijk bij de teams en bij de verschillende onderdelen van de groep. Dat past bij de maatschappelijke rol die we hebben. In de steden in onze drie kernregio’s zijn wij één van de grootste partijen op het gebied van zorg. De gemeentes mogen dan ook op ons rekenen. We zeggen niet: Deze persoon hoort niet tot onze doelgroep. We werken ook voor mensen die er net niet tussen passen. Het gaat erom wat de burgers in de steden nodig hebben om goed verder te kunnen.” Overstijgende thema’s “Sinds 2016 ben ik zakelijk lid van de Ledenraad vanuit de Parnassia Groep. Ik wilde dat graag. Zilveren Kruis is de grootste verzekeraar, de Parnassia Groep de grootste GGZ-instelling van Nederland. Ik vind het van groot belang om die partijen te verbinden om dingen waar te maken. Ook dingen die niet direct in de lijn van de kernactiviteiten liggen, zoals het voorkomen van uitval onder werknemers. Preventie is altijd lastig, niemand wil dat betalen. Daar moeten we het dus met elkaar over hebben binnen Vereniging Achmea. Verder zou het arbeidsmarktvraagstuk een goed thema zijn. We moeten ervoor zorgen dat er voldoende mensen opgeleid worden in de zorg. Want met een goed functionerende zorg blijven ook andere economische sectoren goed lopen. Er is minder uitval, sneller herstel van de medewerkers en minder…

Lees verder
Snelle Hulpverlening Na Seksueel Geweld
  • 09-10-2017
  • Interview met Iva Bicanic

Snelle hulpverlening na seksueel geweld

Na seksueel geweld is het belangrijk om snel hulp te ontvangen. Voor het slachtoffer, zijn of haar gezondheid en voor een rechtszaak. Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) kan de traumabehandeling direct - en in de regio - starten. Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving (SASS) steunt dit initiatief. Bekijk hier de film waarin onder meer Iva Bicanic vertelt over belang van het CSG. Vereniging Achmea verstrekt jaarlijks financiële middelen aan www.sass.nl

Lees verder
Het Is Heel Makkelijk Om Alleen Aan De Zijlijn Te Blijven Roepen
  • 27-09-2017
  • Interview met Akkie Lindeboom-Jager

Het is heel makkelijk om alleen aan de zijlijn te blijven roepen

“Het is altijd heel makkelijk om aan de zijlijn te roepen, maar je kunt je ook je ergens instorten en proberen daar vorm aan te geven. Dankzij een vernieuwingsslag zie je de verjonging ook. Er komen vrij veel jongeren in de Ledenraad en dat kan alleen maar goed zijn, want die hebben de toekomst”. Akkie Lindeboom-Jager vertelt over haar lidmaatschap van de Ledenraad van Vereniging Achmea.

Lees verder
Met Een Wij-gevoel Kom Je Gewoon Het Verst
  • 14-09-2017
  • Interview met Mat Gubbels

Met een wij-gevoel kom je gewoon het verst

Mat Gubbels heeft zijn glastuinbouwbedrijf overgedragen aan zijn twee zoons. “Ik ben nu 66 jaar. Dat is een mooie leeftijd om een stapje terug te doen. Ik heb intussen ook andere bezigheden. Een jaar of vier terug ben ik lid geworden van de sectorraad Bedekte Teelten van Achmea Agro. De raad behartigt de belangen van glastuinders. Via de sectorraad ben ik gevraagd voor de Ledenraad van Vereniging Achmea. Achmea en in het bijzonder Agro zijn van oudsher coöperatief ingesteld. Vanuit die insteek zit ik erin. De coöperatieve gedachte spreekt me aan. Samen lasten en lusten delen.” Samen ervoor gaan “Nu is het in zo’n grote organisatie als Achmea, met zoveel bloedgroepen bij elkaar, best lastig om die coöperatieve gedachte vast te houden. Vereniging Achmea draagt daar zorg voor. Ik vind het heel goed dat bestuurders van verschillende Achmea divisies bij vergaderingen van de Ledenraad aanwezig zijn. Daaruit blijkt dat je als lid van de Ledenraad voor vol wordt aangezien, er naar je wordt geluisterd en dat je van toegevoegde waarde bent. Samen ervoor gaan is belangrijk, zeker in de agrosector. Hagelunie, Achmea’s calamiteitenverzekeraar voor de glastuinbouw, heeft vorig jaar fikse bedragen aan schade betaald en slechts een klein netto verlies geleden. Dan hebben we het toch goed gedaan. Mijn aanbeveling aan Achmea is: kijk eens hoe Hagelunie dat geregeld heeft. Haal best practices binnen het bedrijf boven water en deel die kennis nog meer intern.” Risico spreiden “Bij de glastuinbouw zijn we al jaren bezig met spreiding van het risico. Dat kunnen we onder andere doen door het gebied waarin Achmea opereert groter te maken. Nederland is de bakermat van tuinbouw. Maar steeds meer land- en tuinbouwers volgen de markt en gaan naar het buitenland. En ook Achmea volgt. Wij lopen voorop in de tuinbouw waar het verzekeringen aangaat. Er is wereldwijd bij tuinders grote behoefte aan die vakkennis op het gebied van risicomanagement, preventie en verzekeren. Ook bewustwording bij klanten is een bijzonder belangrijk punt. Wijs klanten erop dat de premies omhoog gaan als er veel en grote schades zijn. Voorkomen of minimaliseren van schade is beter. Bijvoorbeeld met een periodieke elektrakeuring voor tuinbouwbedrijven. Want als je maar elektra blijft bijknopen, is de kans groot op kortsluiting en brand. Bedrijven zien zelf ook dat het beter is dit te voorkomen. Zo werken we samen aan een verzekerbare en betaalbare toekomst.” Open voor ideeën “Ik moet zeggen dat bestuurders open…

Lees verder
Als Organisatie Het Gesprek Aangaan
  • 17-08-2017
  • Interview met Rubia Jessurun

Als organisatie het gesprek aangaan

“Ik denk dat je als organisatie altijd het gesprek moet aangaan, omdat daar inspiratie zit en daar de nieuwe geluiden uit voortkomen. Dat is heel waardevol voor je organisatie.” Rubia Jessurun, lid van de Ledenraad van Vereniging Achmea vertelt over haar lidmaatschap.

Lees verder
Anders Nadenken Over De Oude Dag
  • 24-07-2017
  • Interview met Jeroen Bruseker

Anders nadenken over de oude dag

“Ik was eerder al lid geworden van de Klantenraad Goed Werkgeverschap”, vertelt Bruseker. “Via deze weg kan ik als werkgever laten weten wat ik aangeboden zou willen krijgen van Achmea, zoals oplossingen op het gebied van zorgplicht. Ik heb een paar sessies meegedraaid en toen kwam de vervolgvraag: Wil je ook in de Ledenraad van Vereniging Achmea komen? Ook dat wilde ik graag. Om mee te varen op wat er al is en zetten in de goede richting te geven.” Zachte en sociale aspecten “Omdat ik twaalf jaar bij Aegon Pensioenen heb gewerkt, heb ik me bij de thema-werkgroep Prettige Oude Dag aangesloten. Binnen de thema-werkgroep hebben we het over de zachtere en sociale aspecten, met name wonen en vitaal blijven. Mensen hebben tegenwoordig andere behoeften, waardoor ook het financiële pakket wijzigt. Zo is er behoefte aan nieuwe woonvormen. Verzekeraars kunnen hier een eigen plek in innemen door activiteiten te ontwikkelen op het gebied van woonvormen en zorggroepen. Dat is dan ook wat Achmea doet. ” Langzaam en snel geld “Mensen hebben pas heel laat door hoeveel ze nodig hebben op hun oude dag. Ook daar kun je als verzekeraar bij helpen. Belangrijk daarbij is het verschil tussen langzaam geld en snel geld. Langzaam geld heeft te maken met hypotheken en langetermijndoelstellingen als pensioen. Bij snel geld gaat het om boodschappen en de dingen die je dagelijks nodig hebt. Vanuit de historie proberen we dat bij elkaar te brengen in integrale overzichten. Maar ik adviseer om daar anders mee om te gaan. Fast money moet direct beschikbaar zijn, altijd aanwezig en toegankelijk. Bij slow money wil je best een paar weken moeten wachten. Slow money moet vooral goed inzichtelijk zijn en de administratie ervan onfeilbaar.” Weg met het pensioenpotje “Als je slow money breder neerzet dan heb je ruimte om bijvoorbeeld gedeeld eigenaarschap van vastgoed of andere samenlevingsvormen te faciliteren. Daar liggen kansen voor een verzekeraar. Weg van het sparen in een pensioenpotje, weg van allerlei rekentooling. Het gaat erom dat de klant een situatie bereikt bij 65 of 67 jaar waarin de inkomsten en uitgaven met elkaar in balans zijn. Met andere woorden, de oude dag kan je op heel veel verschillende manieren regelen. De verzekeraar kan de klant helpen toe te bewegen naar een situatie die voor hem of haar veilig voelt. Wat dat betreft verwacht ik gedachtesprongen van Achmea. En ik zie die sprongen ook. Als je…

Lees verder
Dienstverlening Verbreden Zonder Kern Uit Het Oog Te Verliezen
  • 16-06-2017
  • Interview met John van Hoof

Dienstverlening verbreden zonder kern uit het oog te verliezen

“Duurzame inzetbaarheid gaat verder dan goed ziekteverzuimbeleid”, licht Van Hoof toe. “Zo zijn wij in ons bedrijf proactief aan de slag gegaan met preventie en maatregelen zoals schuldhulpverlening. We zagen door loonbeslagen dat dat nodig was. Mensen die schulden hebben stellen we gratis een budgetcoach ter beschikking. Enkele honderden medewerkers hebben daar al gebruik van gemaakt. Ze komen uit de schulden, hebben minder problemen en zijn daardoor fris op hun werk. Dat biedt niet alleen continuïteit, maar is ook eervol om te zien. Een ander initiatief betreft fysiotherapie. Die wordt door bezuinigingen vaak uit het pakket gehaald, terwijl onze mensen soms wel fysiotherapeutische hulp nodig hebben. Die bieden wij nu via het digitale platform Hello Fysio. Medewerkers hebben via Skype een gesprek met een therapeut en ze krijgen oefeningen mee. Als het nodig is, kunnen de medewerkers een afspraak maken met de fysiotherapeut, maar heel veel kan ook digitaal.” Kennis en ideeën toetsen “Dit soort mogelijkheden breng ik in bij de Ledenraad van Vereniging Achmea. Ik ben sinds vorig jaar vanuit CSU als zakelijke klant van Achmea lid van de Ledenraad. Ik ben altijd onder de indruk geweest van Achmea, hoe het als groot bedrijf georganiseerd is, op coöperatieve basis. Achmea onderhoudt goede relaties met haar stakeholders. Dat vind ik knap met de grote hoeveelheid stakeholders die zij heeft. Vanuit mijn rol bij CSU is stakeholdersmanagement voor mij een belangrijke zaak, dus daar wilde ik mijn licht over opsteken. Het is leuk mijn kennis en ideeën over duurzame inzetbaarheid en innovatie via de Ledenraad te toetsen bij een ander groot concern. Wat ik heb geleerd: je kunt niet alles zelf doen. Achmea is goed in verzekeren, in risico’s analyseren en premies berekenen. Ik zou zeggen: richt je op die core business en zoek goede samenwerking met dienstverleners. Als een klant schade heeft aan dakkapel bijvoorbeeld, keer dan geen geld uit, maar zorg dat de boel gerepareerd wordt en de zolder schoon wordt opgeleverd.” Dienstverlening verbreden “Met andere woorden, voor een duurzame werkwijze moet je de dienstverlening verbreden zonder de kern uit het oog te verliezen. Dat doen wij ook bij Tzorg. Wij ijveren voor een meer integrale dienstverlening die niet alleen gericht is op hulp in het huishouden, maar ook op zelfredzaamheid en het bestrijden van eenzaamheid. Onze mensen ondersteunen in het huishouden, doen boodschappen, helpen met de administratie of spelen een spelletje met de cliënten. Thuishulpen vinden het buitengewoon…

Lees verder
Crowdfunding Past Bij Coöperatieve Achtergrond
  • 02-06-2017
  • Interview met Sonja Feenstra-Bruins

Crowdfunding past bij coöperatieve achtergrond

“Ik ben zelf investeerder”, vertelt Sonja. “Ik kom al jaren op bijeenkomsten waar investeerders bij elkaar komen. En dat zijn voornamelijk mannen. Soms is dat een voordeel, mensen weten tenminste wie ik ben. Maar er vroeg ook een keer een man drie koffie aan mij. Dat zette me aan het denken. Waar zijn al die vrouwen met een goede baan en dito inkomen? Wat doen zij met hun geld? Bar weinig, zo blijkt. Daarom heb ik vijf jaar geleden Woman Invest opgericht. Het is een netwerk van bijna 400 vrouwen. Grote spelers, maar ook studentes die net komen kijken. We organiseren events gericht op vrouwen, waar we laten zien wat er speelt op het gebied van investeren. Het gaat dan niet alleen over crowdfunding, maar ook over zaken als informal investment en family offices. We willen interesse wekken voor het onderwerp en aantonen dat je er geld mee kunt verdienen. Verder bieden we begeleiding bij crowdfunding. Onze voorkeur gaat daarbij uit naar duurzame initiatieven. In de financiële wereld gaat het vaak alleen over geld, duurzaamheid is een no go area. We proberen dat te doorbreken. Als het bij investeerders ook over duurzaamheid gaat, halen we het uit de ‘goededoelenhoek’.” Meer vrouwen in de economie “Inmiddels ontdekken ook banken en verzekeraars dat vrouwen een aparte doelgroep zijn en op een andere manier benaderd willen worden. Ik vind dat een goede ontwikkeling. Het aantal vrouwen dat deelneemt aan de financiële economie moet omhoog. Daarom ben ik lid van de Klantraad  van Woonfonds. Ik heb daar een hypotheek lopen en heb mij aangemeld voor de Klantraad. Ook hier was de gemiddelde leeftijd en percentage mannen heel hoog. Dat was voor mij een belangrijke reden om ja te zeggen. Ik vind het heel interessant om achter de schermen te kijken van Woonfonds. De Klantraad is geen klapvee, maar denkt echt mee over vraagstukken en wordt actief betrokken. Vervolgens heb ik gevraagd of ik lid kon worden van de Ledenraad van Vereniging Achmea. Vereniging Achmea is veel breder dan Woonfonds. Vooral de combinatie met het bedrijfsleven vind ik interessant, grote  bedrijven vaardigen bestuurders af die ook echt iets in te brengen hebben in de Ledenraad.” Zekerheden bij crowdfunding “Wat ik heel goed vind bij Vereniging Achmea is dat er echt commitment van je gevraagd wordt. Je moet iets toe te voegen hebben, anders heb je er niets te zoeken. Mijn inbreng is mijn kennis van…

Lees verder
Meer Dynamiek Door Vernieuwing
  • 23-05-2017
  • Interview met Janneke van der Waaij

Meer dynamiek door vernieuwing

“Ik ben een boerendochter, geboren op de Veluwe. Op mijn 20ste trouwde ik met een Brabantse melkveehouder. Toen wij een kapitaalverzekering afsloten bij het Onderlinge Boerenverzekeringsfonds, vroegen ze mij om lid te worden van de Ledenraad. Dat is nu 35 jaar geleden, ik was 24. Er zaten toen maar een paar vrouwen in de Ledenraad en de gemiddelde leeftijd was hoog. Het was een heel statisch gebeuren in die eerste jaren. De Ledenraad bestond uit 100 mensen. De bijeenkomsten draaiden om zenden vanuit het bestuur. Het bestuur zat op een podium aan een lange tafel en wij kregen informatie. Een enkeling stelde een vraag. Dat kun je je nu niet meer voorstellen. De laatste tien jaar is er echt een omslag geweest. Die omslag werd ingezet door de ‘Roadmap Ledenbeleid 2015’ die er kwam onder leiding van Paul Overmars en Johanna Boogerd-Quaak.” Betere afspiegeling maatschappij “In de ‘Roadmap Ledenbeleid 2015’ werd de vernieuwingsslag vormgegeven. We stelden bijvoorbeeld vast dat we vanuit diverse hoeken mensen in de Ledenraad wilden. Meer jonge mensen, meer vrouwen en meer verschillende achtergronden. We hebben nu een mooie mix. We zijn een betere afspiegeling van de maatschappij geworden. Dat moet ook wel, we zijn niet voor niets de grootste verzekeraar van Nederland. Door de vernieuwing kwam er dynamiek en betrokkenheid binnen de Vereniging. De leden gaan dieper op de inhoud in. Verder werd de wisselwerking tussen de Vereniging en het bedrijf Achmea groter. In de laatste Ledenraadsvergadering hadden we een nuttige sessie over de cijfers. Verder geeft Achmea meer inzicht in de innovaties die ze doorvoeren. De Ledenraad is een grote groep betrokken klanten met een duidelijke mening. Dat is heel waardevol voor Achmea. Ook medewerkers van Achmea doen actief mee in de thema-werkgroepen. Voorheen stond Achmea op afstand, nu trekken we samen op.” Laatste vier jaar “Acht jaar geleden werd ik gevraagd om zitting te nemen in het Bestuur van Vereniging Achmea. In het Bestuur zit je nog dichter op de Vereniging. Het kost energie, maar het geeft me ook energie. Ik ben opgevoed met het idee dat je je moet inzetten voor de samenleving. En ik ben er trots op dat ik voor zo’n mooie vereniging mag werken. Vereniging Achmea is niet alleen van de leden, maar ook voor de leden. Dat vind ik een belangrijk iets. Op de vergadering in maart 2017 ben ik herkozen voor een nieuwe en laatste termijn. Verder is…

Lees verder
Vereniging Achmea Met Verschillende Invalshoeken
  • 12-05-2017
  • Interview met René Martens

Vereniging Achmea met verschillende invalshoeken

René Martens is lid van de Ledenraad: "Ik zie een grote groep mensen binnen Vereniging Achmea met verschillende invalshoeken. Dat geeft veel beweging en kansen en mij weer energie terug!" Bekijk het verhaal van René.

Lees verder
Met Elkaar Werken Aan Schuldpreventie
  • 05-05-2017
  • Interview met Peter van den Bosch

Met elkaar werken aan Schuldpreventie

“Iedereen kent BKR van de kredietregistratie”, aldus Peter van den Bosch, algemeen directeur van BKR en lid van de Ledenraad van Vereniging Achmea. “Het imago van BKR is niet altijd even positief. Mensen zien de registratie als een zwarte lijst. Maar die fungeert alleen als zodanig voor mensen die in de financiële problemen zitten en geen krediet meer zouden moeten krijgen. Bovendien doen we meer dan kredieten registreren. Een andere belangrijke activiteit is schuldpreventie.” Vindplaatsen van schuld “Voor gemeenten is het moeilijk om te achterhalen waar schulden zijn ontstaan. Samen met Sociale Zaken hebben we daarom het initiatief genomen voor een landelijke database. Daarin verzamelen we informatie van ziektekostenverzekeraars, energieleveranciers en woningbouwcoöperaties. Op het moment dat zij signaleren dat burgers achterlopen met betalen, komt dat in de database. De gemeente kan er dan in een vroeg stadium op af, voordat de schulden oplopen. We krijgen dus vanuit verschillende hoeken achterstandsmeldingen. Wij kunnen met kennistechnologie de gegevens bundelen en op basis zien welke mensen hulp nodig hebben. Als een gemeente aangeeft dat ze ruimte hebben om 2000 gezinnen te bezoeken en te helpen, dan geven wij aan welke mensen als eerste bezocht moeten worden. Los van de sociale, maatschappelijke winst, besparen we zo veel geld, ook bij de verzekeraar. Traditioneel nemen de verzekeraars een incassobureau in de arm. Ze bieden geen hulp, maar dreigen met maatregelen waardoor de rekening nog hoger wordt. Wat de verzekeraar nu kan doen, is meewerken aan systematiek waarin hulp geboden wordt en goede voorlichting gegeven.” Direct naar de werkmaatschappij “Achmea was de eerste verzekeraar die zei: Daar willen we aan meedoen. Nu ken ik Achmea al goed van binnenuit, ik heb er zelf gewerkt. Vijf jaar ben ik lid geweest van het bestuur van Achmea Bank, daarna ben ik naar BKR gegaan. Toen we gingen samenwerken op het gebied van schuldpreventie, vroeg een oud-collega me of ik lid wilde worden van Ledenraad van Vereniging Achmea. Zo heb ik de oude band weer opgepakt. Vanuit BKR ben ik erg actief om bij te dragen aan de oplossing van de schuldenproblematiek. Maar binnen Vereniging Achmea houd ik me niet specifiek met dit onderwerp bezig. Ik zie mezelf eerder als verbindingsofficier, dan dat ik rechtstreeks een bijdrage lever. Ik heb een groot netwerk dat van toegevoegde waarde is. Ik kan allerlei lijntjes leggen vanuit het netwerk naar Vereniging Achmea. En nog beter: direct naar de onderdelen van Achmea. Het…

Lees verder
Oorsprong Van Achmea Vertaald Naar Deze Tijd
  • 28-04-2017
  • Interview met Jacco den Dulk

Oorsprong van Achmea vertaald naar deze tijd

“Samen met Frans van Rooij vorm ik een afvaardiging van de Klantraad van FBTO bij Vereniging Achmea”, aldus Jacco. “Dat is best een verantwoordelijkheid. Maar vooral een leuke uitdaging. De stem van de FBTO-verzekerde mag zeker gehoord worden binnen de Ledenraad. Voor zover er een gemiddelde FBTO-klant bestaat, zou ik die willen typeren als een ondernemende verzekerde, die positief in het leven staat en die zelf de regie over zijn of haar leven wil voeren. Naar mijn mening moet Vereniging Achmea goed kijken naar de rol die een verzekeraar zou moeten vervullen in een samenleving die steeds digitaler, mondiger en individualistischer wordt. Zo ben ik onder andere benieuwd naar de rol die een verzekeraar kan spelen in het groeiende aantal online gemeenschappen. FBTO kwam met het idee voor een online community waarbij mensen zichzelf kunnen verzekeren. Denk aan bandjes met hun instrumenten. Of mensen die extreme sports doen zoals skydiving of kitesurfen. Die spullen kunnen mensen onderling zelf verzekeren. Iedereen kan een groep vormen, de regels bepalen, geld inleggen en uitkeren. Terug naar het coöperatieve gedachtegoed dat aan de basis stond van het huidige Achmea dus, maar dan vertaald naar deze tijd.” Disruptieve innovatie “Ik vind het initiatief van FBTO heel interessant. Het raakt aan een actueel thema: disruptieve innovatie. Dat is een innovatie die een bestaande branche volledig op zijn kop zet, zoals Airbnb in de hotelbranche en über in de taxiwereld. In het idee van FBTO wijzigt de rol van de verzekeraar in die van facilitator en scheidsrechter. Het bedrijf biedt een raamwerk waarbinnen mensen zelf met elkaar afspraken kunnen maken over wat en hoe ze willen verzekeren. Dat coöperatieve gedachtegoed vind ik mooi. En dat ik daar een actieve bijdrage aan kan leveren, vind ik inspirerend. Bij Achmea ben ik geen nummer, maar iemand die mag meebeslissen, via de Klantraad van FBTO en via de Ledenraad van Vereniging Achmea. De Raad van Bestuur van Achmea neemt wat wij aandragen heel serieus. Dat draagt naar mijn mening mede bij aan de proactieve houding en de positieve inzet van de leden tijdens de bijeenkomsten van de Ledenraad. We zijn zelf het bedrijf met z’n allen. De Vereniging beweegt mee met de samenleving en de wensen van de klanten. Met de kennissessies en de thema-werkgroepen geven we vervolgens verder invulling aan het doel van de Vereniging. Tijd- en plaatsonafhankelijk “Graag blijf ik betrokken bij de thema-werkgroepen, maar het liefst zou…

Lees verder
Achmea Moet Er Wat Aan Hebben, Anders Zijn We Een Praatclubje
  • 21-04-2017
  • Interview met Manon Vanderaa

Achmea moet er wat aan hebben, anders zijn we een praatclubje

Manon Vanderkaa is directeur van de grootste seniorenorganisatie van Nederland. KBO-PCOB heeft ruim kwart miljoen leden en richt zich op drie pijlers: sociale activiteiten, individuele ondersteuning door vrijwilligers en collectieve belangenbehartiging. “We hebben al jaren een collectief contract met Achmea, 50.000 leden zijn bij Zilveren Kruis verzekerd. Het is een intensieve relatie, we weten elkaar goed te vinden. Als er wat is op het terrein van zorgverzekeringen waardoor onze leden geraakt kunnen worden, dan is de drempel laag om bij Zilveren Kruis aan te kloppen. En omgekeerd wijst Zilveren Kruis ons op zaken die van belang zijn voor senioren. Ze kennen en snappen onze achterban.” Creatiever denken “In maart 2016 ben ik gevraagd in de Ledenraad van Vereniging Achmea te komen. Dat geeft mij een veel bredere blik op het bedrijf Achmea. Ik zie dat Achmea zorgt dat ze de markt heel goed kent en probeert zoveel mogelijk meerwaarde te leveren. We moeten goed blijven letten op de positie van de themawerkgroepen van de vereniging. Zelf zit ik in de thema-werkgroep Prettige Oude Dag. Daar hebben we het gehad over de wenselijkheid om ouderen in staat te stellen een lening aan te gaan voor woningaanpassingen. Nu is het voor deze groep vaak moeilijk om een lening te krijgen van de bank, omdat het risicovol wordt gevonden om ouderen een lening te verstrekken. Aan de andere kant beschikken ze vaak over vermogen in de vorm van een huis. Je moet creatiever nadenken. Dat is wat we doen in de thema-werkgroep.” Geluid van de achterban “Een ander onderwerp van gesprek in onze groep is digitalisering. Ik snap dat Achmea daar kansen ziet om kosten te besparen. Maar we wijzen erop dat er 1,2 miljoen senioren zijn die niet op internet zitten. En dat dat probleem niet van voorbijgaande aard is. Niet iedereen die nu digitaal vaardig is, blijft dat tot op hoge leeftijd. Gezichtsvermogen of motoriek kunnen achteruit gaan. Bovendien kunnen zich ontwikkelingen voordoen, die niet iedereen zich meer kan eigen maken. Dan ontstaat toch weer een kloof. Daarom bepleiten we dat er altijd ook een andere manier van communiceren is. Ik weet dat daar veel behoefte aan is. Ik wil ook mijn achterban vertegenwoordigen en dat meld ik dus. Met andere woorden, ik laat ook het geluid van mijn achterban klinken in de thema-werkgroep. Ik vertel wat de behoeften zijn van die groep. Gelukkig sluit dat vaak aan bij wat Achmea…

Lees verder
Het Belang Van Samen Optrekken
  • 14-04-2017
  • Interview met Stefan Tabak

Het belang van samen optrekken

“In de samenleving wordt gediscussieerd over de vraag of arbeidspensioen, wonen en zorg niet meer met elkaar verbonden moeten zijn”, vertelt Stefan Tabak. “Je mag pensioen nu niet in zijn geheel opnemen. Er zijn mensen die ervoor pleiten dat je in ieder geval een deel van je pensioen in je huis kunt stoppen om zo je hypotheeklasten te verlagen. Of dat je een deel gebruikt om zorgkosten te betalen. Verder loopt er een nationale pensioendialoog over de vraag of het pensioenstelsel op de schop moet. Om al die ontwikkelingen voor te zijn heeft Achmea een aantal producten en diensten bij elkaar gezet. Daarmee is de oudedagsvoorziening meer in het hart van het dienstverleningspakket van Achmea gekomen.” Samen optrekken “Achmea Investment Management – kortweg AIM – doet het vermogensbeheer voor pensioenfondsen. De Klantraad biedt goede gelegenheid om met AIM in gesprek te zijn over de dienstverlening. Het draagt bij aan het partnership dat ik graag zie. Je kunt een gewone klantrelatie hebben, waarbij de één vraagt en de ander levert, maar wij willen meer samen optrekken. Omdat we allebei belang hebben bij een goede dienstverlening en doorontwikkeling van producten. Vanuit de Ledenraad van de Vereniging kwam vervolgens de vraag om iemand namens de pensioenfondsen af te vaardigen. Ik heb uitgebreide ervaring met pensioenadministratie en vermogensbeheer, ben breed geïnteresseerd en zit nog midden in mijn carrière. Daarom viel de keuze op mij. En ik doe het graag. Ik zie een duidelijke parallel tussen wat ik doe en wat Achmea doet. Pensioenfondsen zijn van oudsher not for profit, wat ze doen is in het belang van de deelnemer. Dat ligt heel dicht aan tegen het coöperatieve gedachtegoed van Achmea, waarbij je met z’n allen voor elkaar zorgt.” Voldoende draagvlak “Ik vind het belangrijk Achmea enerzijds een gezonde bedrijfsvoering heeft en anderzijds goed aangehaakt blijft bij wat maatschappelijk verantwoord is. Door in gesprek te blijven met AIM en de Raad van Bestuur van Achmea wil ik eraan bijdragen dat het bedrijf goed gepositioneerd is en op voldoende draagvlak kan rekenen. Vroeger was er alleen het verplichte collectieve pensioen vanuit de werkgever. Als werknemer had je geen keus. Dat is aan het veranderen. Tot € 100.000 kun je in zo’n verplichte regeling zitten, daarboven kan de werkgever een vrijwillige regeling aanbieden. Daarmee worden de pensioenfondsen voor het eerst geconfronteerd met marktwerking. Ze hebben een goed verhaal nodig, bijvoorbeeld over keuzemogelijkheden en kosten. Daarbij kunnen ze…

Lees verder
Heimweebeleid In Arbeidsmarkt Niet Wenselijk
  • 07-04-2017
  • Interview met Jurriën Koops

Heimweebeleid in arbeidsmarkt niet wenselijk

“Bij ABU zijn we actief in het hart van de arbeidsmarkt”, vertelt Jurriën Koops. “We zien wat er verandert, wat er goed gaat en wat er niet goed gaat. Daar ligt ook de verbinding met Achmea, als leverancier van producten die voor werkenden en voor de arbeidsmarkt relevant zijn.”  Basiszekerheden voor iedereen “De arbeidsmarkt en het sociale stelsel in Nederland groeien steeds verder uit elkaar. Het sociale stelsel dateert van vlak na de oorlog. In die tijd werden zekerheden gekoppeld aan het vaste en bij voorkeur langdurige dienstverband. De hele structuur, ook nu nog, is daarop ingericht. Intussen is er veel veranderd in het werkveld. Vanuit een soort kramp en boosheid vragen mensen nu: Hoe laten we de arbeidsmarkt weer aansluiten bij ons sociale stelsel? Heimweebeleid noem ik dat – iedereen weer een vast contract. Maar niet iedereen wil dat en niet iedereen krijgt dat. Vanuit mijn kraaiennestfunctie op de arbeidsmarkt kan ik in de Ledenraad van Vereniging Achmea bijdragen aan de kennis over veranderingen op de arbeidsmarkt. Daarbij is het van groot belang dat zekerheden van werkenden niet langer gekoppeld zijn aan een vast contract. Iedereen zou dezelfde basiszekerheden moeten hebben op het gebied van arbeidsongeschiktheid, pensioen en scholing. Voor alle werkenden en mensen met een uitkering zou er een periodieke arbeidsmarktscan en een persoonlijke ontwikkelrekening moeten komen, zodat mensen kunnen investeren in hun eigen ontwikkeling. Op die manier krijg je een ontwikkelingsgerichte arbeidsmarkt.” Werkenden centraal “Voor de inrichting van een nieuw sociaal stelsel zou de focus dus veel meer op de werkenden moeten liggen in plaats van de werkgever”, vindt Koops. “De werkende is zelf verantwoordelijk en neemt zelf beslissingen. En dus moet de werkende centraal staan in het nieuwe sociale stelsel. Het volgend kabinet moet hiervoor piketpaaltjes slaan. Maar het is niet alleen aan het kabinet om dit te bewerkstelligen. Het zwaartepunt ligt bij de marktwerking. De markt moet de zekerheden gaan organiseren, bijvoorbeeld door de voorwaarden voor hypotheek te wijzigen. Bij ABU werken we samen met banken, de AFM en Vereniging Eigen Huis aan een perspectiefverklaring, waardoor ook uitzendkrachten een hypotheek kunnen krijgen. Aan zo’n verklaring is grote behoefte. In een arbeidsmarkt die steeds complexer wordt en steeds meer risico’s in zich heeft, neemt het belang van uitzendkrachten toe.” Boel bij elkaar houden “De markt moet dus met nieuwe proposities komen, met hypotheken voor uitzendkrachten bijvoorbeeld en werkverzekeringen voor zelfstandigen. Achmea staat open voor deze nieuwe…

Lees verder
Laat Me Gewoon Mijn Werk Doen
  • 24-03-2017
  • Interview met Jurriaan Jacobs

Laat me gewoon mijn werk doen

“‘Je hoeft maar een agent in uniform de straat op te sturen en er staat al iemand met een camera klaar.” Dat is wat Jurriaan Jacobs van Impact hoorde bij zijn onderzoek naar agressie tegen professionals via sociale media “Feit is dat professionals steeds vaker worden gefilmd en dat het materiaal wordt verspreid via sociale media. Hoe ga je daarmee om? Dat interesseert me niet alleen als onderzoeker, maar ook als vrijwilliger bij de brandweer, waarvoor ik nu in opleiding ben.” Aan het woord is Jurriaan Jacobs, beleidsadviseur bij Impact, een expertisecentrum voor nazorg bij schokkende gebeurtenissen. “Ik heb me tijdens mijn studie bestuurskunde gespecialiseerd in de vraag wat de moderne vormen van druk zijn waar politiemedewerkers, brandweerlieden en andere mensen in ‘hoogrisicoberoepen’ mee te maken hebben. Filmen en online plaatsen van beeldmateriaal horen daarbij. Bij Impact wilden we onderzoeken wat de effecten daarvan zijn.” Grote rode auto “Ik ben zelf in opleiding voor vrijwilliger bij de brandweer. Ik heb te maken met mensen die iedere dag in de frontlinie staan en uit de grond van hun hart er iets moois van willen maken. Hoe houd je jezelf dan staande? Vanuit die persoonlijke interesse heb ik me aangemeld. En het is natuurlijk een jeugddroom: wat is nou mooier dan in een grote rode auto met blauwe zwaailichten te rijden? Op een gegeven moment ging ik mee met de brandweer. Er was iemand in het water gevallen. Toen we aankamen, stonden er vijf mensen filmpjes te maken. Ik kon het rationaliseren: Iedereen doet zijn werk goed, dat mogen ze best filmen. Maar ik had makkelijk praten, ik stond aan de zijlijn. Als je het water in moet omdat er iemand in ligt, denk je: Laat me gewoon mijn werk doen.” Levens redden “Brandweer en politie komen vaak in crisissituaties terecht en dan moeten ze direct handelen. Filmen is voor hen op dat moment niet problematisch. Ze maken zich er niet druk over, daar redden ze geen levens mee. Maar als ze even later beelden terugzien op internet, is dat heel vervelend. Zeker als de reacties negatief zijn. Of bedreigend. Zoals een foto van een agent op Facebook met de tekst: ‘5000 euro voor het adres van deze persoon, dan mollen we hem.’ De professional wordt direct aangesproken via sociale media, maar heeft niet de mogelijkheid om te reageren. Belangrijk is dan ook dat organisaties hieraan aandacht besteden. Medewerkers moeten voorbereid worden…

Lees verder
Mijn Lidmaatschap Werkt Twee Kanten Op
  • 17-03-2017
  • Interview met Saubia El Idrissi

Mijn lidmaatschap werkt twee kanten op

Saubia El Idrissi is niet alleen lid van de Ledenraad, maar ook lid van Verzekerdenraad van Zilveren Kruis, sinds 2005. “Het heette toen nog Agis”, vertelt Saubia. “Agis had veel Marokkaanse verzekerden. Ik wilde weten wat ze voor de verzekerden doen. En informatie delen over waar vrouwen tegenaan lopen. Daarom ben ik bij de Verzekerdenraad gegaan.” Dichter bij de mensen “Ik hoor veel verhalen van vrouwen. Ik merkte dat Marokkaanse vrouwen behoefte hebben aan sportfaciliteiten en aan een beweegprogramma, specifiek in mijn woonplaats Weesp. Toen kreeg ik het idee voor preventief gezondheidsonderzoek vanuit Agis. Er werd goed op gereageerd, voor Agis was dit een manier om dichter bij de mensen te komen. En voor veel mensen was het initiatief een stap om gezonder te leven en te bewegen.” In 2008 werd Saubia lid van de Ledenraad van Vereniging Achmea om zich ook met andere thema’s bezig te houden dan alleen zorg en gezondheid. “In de afgelopen jaren heb ik veel zien veranderen bij Vereniging Achmea. In het begin vond ik het er oud en grijs. Dat was de klacht van iedereen, hoor. Vanuit Agis zijn de eerste vrouwen in de Ledenraad gekomen. En er zijn meer jonge leden aangehaakt. Verder hebben we tegenwoordig meer oog voor wat er in de maatschappij leeft. Ik zit in de thema-werkgroep Leefbare Samenleving. We praten over hoe we mensen tot elkaar kunnen brengen, hoe ze met elkaar gaan praten.” Kennis delen “Ik zit veel op Facebook, ik ben bij veel groepen aangemeld en lees over de onvrede over verzekeraars. Dan staat er bijvoorbeeld: Kijk eens hoeveel geld er gaat naar die grote zorgverzekeraars, ze verdienen aan ons. Daar reageer ik dan op. Ik leg uit hoe het werkelijk in elkaar zit en dat Achmea helemaal geen winst maakt. En dat een maatregel als ‘eigen risico’ van de overheid komt en dat Achmea die gewoon moet uitvoeren. Waarom ik dit doe? Ik vind het belangrijk om mensen te vertellen hoe iets in elkaar zit. Ik heb heel veel geleerd, doordat ik lid ben van de Ledenraad. Die kennis deel ik graag. Dat vind ik fijn om te doen, om anderen te helpen. Verder koppel ik wat ik hoor en lees terug aan Vereniging Achmea, zodat zij er iets mee kunnen doen. Zo werkt mijn lidmaatschap twee kanten op.”

Lees verder
Delen Van Kennis Is Een Maatschappelijke Opgave
  • 13-03-2017
  • Interview met Arnoud van Vliet

Delen van kennis is een maatschappelijke opgave

Maatschappelijke vraagstukken kunnen alleen worden opgelost vanuit coöperatief gedachtegoed.” Dat is de overtuiging van Arnoud van Vliet, secretarisdirecteur van Waterschap Hollandse Delta en lid van de Ledenraad van Vereniging Achmea. Hij kijkt in zijn werk goed naar hoe Achmea zaken aanpakt. “Omgekeerd moet Achmea naar mijn idee heel goed kijken naar wat de overheden doen. Zeker als het gaat om de gevolgen van klimaatontwikkeling. Arnoud van Vliet heeft in het waterschap ten zuiden van Rotterdam steeds meer te maken met de gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast. “Wat overheden gaan doen met klimaatontwikkeling heeft een enorme impact op de schadeportefeuille van Achmea. Die kennis draag ik graag over binnen Vereniging Achmea. Ik weet wat de klimaatagenda is voor de komende jaren en denk mee over wat dat voor Achmea zou betekenen.” Waterschappen zijn 100% overheid. Er zijn 21 waterschappen in Nederland, die de collectieve taak hebben om Nederland veilig te houden tegen water, water te beheren en afvalwater te zuiveren. “Als je kijkt naar klimaatverandering dan zie je een aantal gevolgen”, vervolgt Van Vliet. “Eén die prominent in beeld is, is wateroverlast door storm, hagel en regen. Maar ook droge perioden gaan steeds meer voorkomen. Dat voegt zich bij toch al autonome ontwikkelingen zoals bodemdaling. Bij zeespiegelstijging komt zout water steeds verder het land in. Daar zitten wij als waterschap middenin. Daar moeten we in investeren.” Kennis en kunde aanbieden “Ik ben lid geworden van de Ledenraad vanwege het feit dat verzekeraars een belangrijke rol hebben bij dit soort vraagstukken. De vraagstukken waar ik mee bezig ben, zijn dezelfde als waar Achmea mee worstelt. Kennisuitwisseling, daar is het me om te doen. Ik kan vanuit mijn ervaring voorspellen wat er van overheidswege gaat gebeuren in de komende jaren. Mijn boodschap is dat Achmea daar heel goed naar moet kijken. Wat overheden doen met klimaatontwikkeling, heeft groot effect op hoe Achmea als marktleider kan opereren. Zo moet er klimaatbestendig gebouwd worden. Wat zijn daarbij de mogelijkheden, wat zijn de risico’s? Wat kan Achmea bieden aan preventie, risicoafdekking en schadebehandeling? Is het voor agrariërs nog wel wenselijk om gewassen of kassen te verzekeren of verzekeren zij liever het voortbestaan van hun bedrijf? En wat kunnen we aanbevelen in preventieve zin aan burgers en ondernemers? Hoe maak je je pand klimaatbestendig? Als verzekeraar kun je kennis en kunde aanbieden om mensen te helpen.” Gedachtegoed van de toekomst “Ik ben bij Achmea aangehaakt vanwege het…

Lees verder
Ik Ben Zelf Ook Verjongd
  • 03-03-2017
  • Interview met Henk Robben

Ik ben zelf ook verjongd

“Vereniging Achmea was een club van grijze mannen”, zegt bestuurslid Henk Robben. “Ik durf het te zeggen, ik ben er zelf ook één.” Inmiddels is de samenstelling van Bestuur en Ledenraad diverser geworden, met meer vrouwen, jonge mensen en Nederlanders met een andere culturele achtergrond. “Er is in de vernieuwde Vereniging vaart en dynamiek gekomen. Daarin ben ik zelf ook verjongd.” Als burgemeester van Wierden staat Henk Robben midden in de maatschappij. Dat brengt hij mee als Bestuurslid van Vereniging Achmea. “Ik heb in mijn werk altijd de verbinding gehad met land- en tuinbouw. Juist op het platteland spelen veel thema’s waarbij Achmea een rol kan spelen. Vanuit mijn rol als burgemeester kan ik daarin fungeren als intermediair.” Een jaar of vier geleden constateerde Robben en zijn medebestuursleden dat Vereniging Achmea geen goede afspiegeling was van de maatschappij. “Achmea is het resultaat van veel fusies. Met iedere fusie kwamen er leden mee. Daardoor werd de Vereniging een gedateerde groep van voornamelijk mannen. We wilden meer diversiteit en verjonging. Daarop hebben we ingezet, met resultaat.” Ogen en oren Maar de vernieuwing ging verder. “We stelden onszelf ook de vraag: Wat vinden we nu eigenlijk van de rol van Vereniging Achmea in relatie tot het bedrijf Achmea? We zijn de grootste aandeelhouder, maar is dat het dan? Kijken we alleen of er voldoende rendement is? Dat is wel erg armoedig. Toen we de vernieuwing hadden doorgevoerd, wilden we veel meer de oren en ogen van het bedrijf Achmea worden. We willen signalen vanuit de samenleving naar het bedrijf Achmea krijgen. Bij de decentralisatie van de zorgtaken bijvoorbeeld, zag ik als burgemeester welke knelpunten er waren op het gemeentehuis, maar ook bij mensen thuis. Dat geef ik dan door aan de Vereniging. Bij de werving van nieuwe leden voor de Ledenraad en het Bestuur geven we dat ook mee: We verwachten dat je input geeft, wil je die rol wel? In thema-werkgroepen bespreken we vraagstukken die leven in de samenleving. En waar mogelijk vertalen we die naar suggesties voor diensten en producten van Achmea.” Dubbelrol “Vanuit mijn burgemeesterschap betekent deze betrokkenheid een dubbelrol. De resultaten van Achmea zijn voor de Vereniging als aandeelhouder belangrijk. Als het bedrijf Achmea verlies lijdt, dan geeft dat een bepaalde emotie. Maar dan kijk je waardoor dat verlies komt. Vorig jaar was er grote hagelschade op het platteland, met name in de land- en tuinbouw. Dan denk ik…

Lees verder
Zekerheid Zit Hem Niet In Je Verzekeringen, Maar In Je Inzetbaarheid
  • 24-02-2017
  • Interview met Esther Raats-Coster

Zekerheid zit hem niet in je verzekeringen, maar in je inzetbaarheid

Zowel zzp’ers als werknemers moeten de verantwoordelijkheid nemen om hun eigen inzetbaarheid te versterken. Want: “Zekerheid zit hem niet in je verzekeringen, maar in je inzetbaarheid.” Dat is de boodschap van Esther Raats-Coster, bestuurder, ondernemer en lid van het Bestuur van Vereniging Achmea. Binnen de thema-werkgroep Werk & Inkomen houdt ze zich bezig met de vraag wat daarbij de behoeften zijn van de werkenden. “Er is werk aan de winkel”, zegt Esther Raats-Coster kordaat. “De laatste jaren is veel veranderd op het gebied van werk en inkomen. Het aantal zzp’ers is toegenomen en door de groei van de economie neemt ook het aantal werknemers toe. En op beide fronten zijn er nieuwe wensen en behoeften.” Zelfredzame werknemer “Als je kijkt naar de huidige populatie werknemers in Nederland, dan zie je dat ze zelfredzamer worden. Er is een teneur bij met name jonge werknemers om dingen zelf te organiseren. Een deel van hen wil de eigen verzekeringen invullen, bijvoorbeeld voor pensioen. De huidige werknemer laat niet alles over aan zijn werkgever. Hij zegt: Doe mij maar een bijdrage en dan ga ik die zelf wel inzetten zoals mij goeddunkt. Organisaties moeten hun product aanpassen aan deze nieuwe ontwikkeling. Misschien willen werknemers wel een hiaatverzekering, voor als ze arbeidsongeschikt worden. Als je als werknemer dan wordt afgekeurd door het UWV, val je niet terug naar bijstand. Ja, dat is je eigen verantwoordelijkheid. Verder is life time employment niet meer aan de orde. Er moeten producten komen die passen bij wisselende werkgevers.” Gelukkige zzp’er “Voor zzp’ers ligt het iets anders. Zij zijn van nature zelfredzaam, maar dat wordt hen niet altijd makkelijk gemaakt. Ze zoeken al jaren naar betaalbare en passende manieren om hun oude dag en ziekte te verzekeren. Zzp’ers ondernemen graag voor eigen risico en willen zelf hun verzekering invullen. Maar de huidige arbeidsongeschiktheidsverzekeringen worden door zzp’ers als duur ervaren en door verzekeraars als complex en risicovol. Broodfondsen komen ook niet echt van de grond. Die bieden dan ook niet meer dan een marginale afdekking van het inkomen van de zzp’er. Het water moet je echt aan de lippen staan, voor je een uitkering uit het fonds krijgt. Dat is niet hetzelfde als je inkomen goed verzekeren. Zzp’ers hebben een arrangement nodig dat hen in staat stelt om langer door te blijven werken en leven. Stel dat een zzp’er ongeschikt wordt voor zijn huidige werk, maar wel ander werk kan gaan…

Lees verder
Was Nou Toch Eerder Gekomen
  • 17-02-2017
  • Interview met Iva Bicanic

Was nou toch eerder gekomen

“Slachtoffers van seksueel geweld moeten zo snel mogelijk geholpen worden”, aldus traumabehandelaar Iva Bicanic. Zij vertelt over het belang van het Centrum Seksueel Geweld, kortweg CSG. “Naast acute hulp heeft het CSG nog een doel. Als we de sporen van de dader veilig kunnen stellen, hopen we dat dat tot meer veroordelingen leidt.” Iva Bicanic is landelijk coördinator van het Centrum Seksueel Geweld en traumabehandelaar. “Ik probeer de gevolgen van misbruik te repareren. Bij seksueel geweld komen slachtoffers vaak lang na dato bij ons. Met name jongeren willen vergeten. Ze vertellen het pas als ze zijn vastgelopen. Ze kampen dan met PTSS, angsten en depressies. Dan denk ik: Was nou toch eerder gekomen. Hoe eerder, hoe beter. Nederland telt jaarlijks 100.000 nieuwe slachtoffers van seksueel geweld. Zij kunnen inmiddels bij zestien CSG’s terecht, verspreid over het land. Hier werken deskundigen die ervaring hebben met de opvang van deze slachtoffers. Bijna alle centra zijn gevestigd op de Spoedeisende Hulp van ziekenhuizen. Slachtoffers krijgen hier acute hulp en onderzoek op één locatie. We hebben de hulp zo opgezet dat de slachtoffers niet vaker dan nodig hun verhaal hoeven te vertellen en onderzoeken ondergaan.” Sporen veilig stellen Maar er is meer. Sporenonderzoek is van groot belang bij seksueel geweld. “Veel slachtoffers willen direct na de verkrachting naar huis”, vertelt Bicanic. “Ze willen douchen, waardoor ze de sporen kunnen verwijderen. Wij zeggen: Doe het niet. Kom eerst bij ons om die sporen veilig te stellen. Daarna kun je douchen zo lang als je wilt. Onze vraag daarbij is: Als je er vroeg bij bent en je hebt sporen en je hebt iemand die aangifte wil doen, komt de rechter dan ook vaker tot een veroordeling? Je hebt in ieder geval de beste omstandigheden om een goede zaak te maken. Die zaken zouden vaker of sneller tot een veroordeling kunnen leiden.” Beste aanpak “Verder willen we weten wat de beste aanpak is voor mensen die net verkracht zijn. Daar doen wij nu onderzoek naar. Dat onderzoek wordt gesubsidieerd door SASS, die eerder al de voorlichtingscampagne rondom de landelijke hulplijn ondersteunde. Deze lijn wordt steeds vaker gebeld. Slachtoffers weten ons makkelijker te vinden en komen sneller naar ons toe. Op die manier werken wij aan een verbeterde positie van slachtoffers van seksueel geweld.” Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving (SASS) ondersteunt het onderzoek van Centrum Seksueel Geweld. Meer informatie vindt u hier. Vereniging Achmea verstrekt jaarlijks financiële…

Lees verder
Samen Sterk, Zo Had Mijn Overgrootvader Het Bedacht
  • 10-02-2017
  • Interview met Petronella Korbijn

Samen sterk, zo had mijn overgrootvader het bedacht

De betrokkenheid van Petronella Korbijn bij Achmea gaat ver terug. Haar overgrootvader, Johannes Noordenbos, stond aan de wieg van wat nu Achmea heet. 100 jaar later voelt Petronella zich nog steeds verbonden met het coöperatieve gedachtegoed. Mede daarom werd ze lid van de Ledenraad. “In 1917 tijdens een vergadering in Tietjerksteradeel heeft mijn overgrootvader het belang van een pensioenregeling voor boeren aangekaart. Hij zei: In plaats van dat we elkaar de laatste cent uit de zak concurreren, laten we een halve cent per kilo melk reserveren voor de dag dat we niet meer kunnen werken. Samen sterk, zo had hij het bedacht en zo werd in 1918 het Onderlinge Boerenverzekeringsfonds OBF opgericht. Mijn overgrootvader was de eerste medewerker die betaald werd om bij collega-boeren langs te gaan om hen te overtuigen hetzelfde te doen. Zijn kleinzoon, mijn vader dus, was als veehouder ook betrokken bij het fonds. Begin jaren ’80 werd hij lid van de Ledenraad. Ik kreeg dat als klein meisje mee. Mijn vader heeft alle fusies meegemaakt, hij was er veel mee bezig. Op een goed moment, na 35 jaar, ging hij uit de Ledenraad. Toen hebben we het erover gehad of ik lid zou worden. Ik was gelijk enthousiast en hij vond het helemaal geweldig.” Veel aanknopingspunten “Ik ben opgeleid als arbeids- en beleidssocioloog. Twaalf jaar werkte ik als HR business partner bij uiteenlopende bedrijven. Filmen was ondertussen een hobby geworden. Ik volgde een opleiding tot camerajournalist en maakte in 2013 de overstap naar zelfstandig ondernemerschap. Ik maak nu bedrijfsfilms en animaties. Heerlijk om te kunnen doen wat ik het allerleukst vind. Maar ik miste wel het gevoel ergens onderdeel van te zijn. In 2015 werd ik lid van de Ledenraad van Vereniging Achmea. Ik ben aangesloten bij de werkgroep Ledenbeleid & Communicatie. Wij zijn actief voor de vereniging zelf, het opleidingsprogramma voor leden, de website, noem maar op. Los van de verbondenheid vanuit mijn familie zag ik veel aanknopingspunten voor mezelf om dit te gaan doen. De maatschappelijke betrokkenheid van de vereniging sluit aan bij mijn studie sociologie. Daarnaast vind ik de Ledenraad een leuke groep mensen. Iedereen is heel begaan met elkaar en met het bedrijf. Verder is het lidmaatschap een mooie aanvulling op mijn netwerk.” Uitleggen aan omgeving “Mijn omgeving is over het algemeen positief over mijn lidmaatschap. Al ligt het imago van de grote verzekeraars al een tijdje onder vuur. Ik ben blij…

Lees verder
Hoe Kun Je Herstellen Wat Kapot Is?
  • 27-01-2017
  • Interview met Julia Roeselaars

Hoe kun je herstellen wat kapot is?

Julia Roeselers werd overvallen met een groot mes door twee jonge jongens uit haar eigen buurt. Ze wilde naderhand niets liever dan ‘herstellen’ wat kapot was. Want nadat de daders hun gevangenisstraf hadden uitgezeten, moesten ze nog steeds als buren door dezelfde buurt. Over dit gegeven maakte Julia een film: ‘Als ik je zie, dan groet ik je’. Julia: “Telkens als ik de daders op straat zag, groette ik ze en groetten ze mij terug. Hoewel dat als een overwinning voelde, hield ik daar iedere keer een vreemd gevoel aan over. Ik wilde herstellen wat kapot was.” Julia wilde praten met de jongens die haar hadden overvallen. Herstelrecht wordt dit wel genoemd. Daar is in het ‘gewone’ strafrecht vooralsnog geen plaats voor. De film die Julia over dit onderwerp maakte, wordt nu ingezet op voorlichtingsbijeenkomsten voor slachtoffers en daders en bij de training van professionals. Daarnaast is naar aanleiding van de film een lespakket ontwikkeld voor politie, officieren van justitie, strafrechtadvocaten en hulpverleners. Doel van het educatieve traject is de kennis rondom herstelrecht in Nederland te bevorderen. Bekijk hier de documentaire waarin Julia haar ervaring deelt en herstelrecht wordt toegelicht. Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving ondersteunde dit initiatief met een subsidie. Vereniging Achmea steunt al jaren SASS.

Lees verder
Eén Patiënt, één Budget: Zo Moet De Hele Zorg Ingericht Worden
  • 29-12-2016
  • Interview met Gerda Duursma

Eén patiënt, één budget: zo moet de hele zorg ingericht worden

Ledenraadslid en kinderarts Gerda Duursma-Meppelink merkt regelmatig dat professionals die zich met patiënten bezighouden, slecht met elkaar praten. Ze pleit daarom in de Ledenraad van Vereniging Achmea voor betere communicatie. Dat scheelt rompslomp, geld en – het belangrijkste - mensenlevens. Gerda: “Als kinderarts maak ik wel mee dat collega’s en andere zorgprofessionals elkaar niet goed begrijpen als ze het over een patiënt hebben. Dat kan fatale gevolgen hebben. Met kinderartsen, gynaecologen en verloskundigen bespreken we in regionaal verband jaarlijks cases van doodgeborenen, dit is landelijk afgesproken. Dan constateren we vaak dat het is misgegaan in de communicatie. Iets is verkeerd begrepen, genoemd, gezegd. Soms speelt ontzag voor de specialist een rol, soms denkt men te veel in vaste procedures. In de werkgroep gezondheid van de Ledenraad bespreken we regelmatig hoe we betere communicatie voor elkaar kunnen krijgen. Zelf ben ik een groot voorstander van de oplossing die voor de geboortezorg is gekozen: patiëntgericht werken in plaats van behandelingsgericht. Die ‘integrale geboortezorg’ wordt geleverd door verloskundige, huisarts, gynaecoloog en kinderarts samen, in goed overleg. Minister Schippers heeft daartoe het plan geschreven, dat – heel bijzonder – is omarmd door alle betrokken sectoren in de zorg en door het Verbond van Verzekeraars. Want ook die spelen bij die integrale zorg een rol, voor het controleren en afhandelen van de patiëntgebonden zorgkosten. De stok achter de deur van de minister is het beschikbare geld: er is één bedrag per patiënt per aandoening beschikbaar. De zorgverleners dienen dat onderling te verdelen, op basis van hun relatieve bijdrage aan de behandeling. Het is dus niet meer zo dat alle partijen hun behandelingen afzonderlijk bij de verzekeraar declareren. De verwachting is dat dit administratieve rompslomp en al te hoge facturaties voorkomt. En dát is natuurlijk op termijn goed voor de verzekeringspremie. Maar het belangrijkst vinden we binnen de Ledenraad dat de patiënt centraal staat. De nieuwe financiering dwingt als het ware betere communicatie af. Dat zorgt voor menselijkere zorg en minder fouten. Ik pleit er daarom voor om deze constructie, zoals recentelijk geïmplementeerd in de geboortezorg, in de hele gezondheidszorg door te trekken!”

Lees verder
Mkb’ers Zijn Zich Onvoldoende Bewust Van De Toename Van Cybercrime
  • 29-12-2016
  • Interview met Gea Reinds-Vos en Carlo Klerk

Mkb’ers zijn zich onvoldoende bewust van de toename van cybercrime

Ledenraadslid en ondernemer Gea Reinds-Vos (57) IT Security Specialist Carlo Klerk van Achmea spraken samen over cybersecurity. Welke concrete stappen kun je als zzp’er of mkb’er zetten om een hack of datalek te voorkomen? Gea gaat als ondernemer dagelijks om met privacygevoelige informatie. IT Security Specialist Carlo Klerk (39) van Achmea legt haar graag uit dat ze zelf het risico op datadiefstal (‘hacken’) kan verkleinen. Ze gaan met elkaar in gesprek over cybercrime: de risico’s, preventiemaatregelen én verzekeren. Gea: “Laatst was ik op een avond van specialisten van de Rabobank over cybercrime. Ik schrok me rot. Als kleine ondernemer besef je niet hoe makkelijk criminelen bij je gevoelige gegevens kunnen komen. Mijn data zijn weliswaar goed beveiligd via een extern bedrijf, maar ik had er niet bij stilgestaan dat je met één klik op een verkeerd mailtje al bijna kansloos bent tegen datadiefstal.” Carlo: “Ik kijk hier niet van op: we zien als verzekeraar de ‘markt’ voor cybercriminelen al jaren fors toenemen. Ze mikken niet alleen op grote banken of verzekeraars, maar ook steeds meer op het midden- en kleinbedrijf. Dat loopt achter op het gebied van beveiliging, en grotere ondernemingen krijgen de beveiliging juist steeds beter op orde waardoor criminelen uitwijken naar andere slachtoffers. Maar liefst 23 procent van de mkb’ers kreeg al eens te maken met een cyberaanval (onderzoek Kaspersky en B2B International, 2015). MKB-Nederland waarschuwde recentelijk zelfs voor een RATtenplaag (Remote Access Trojan). Ook de AIVD waarschuwde eind vorig jaar dat economische digitale spionage de komende jaren enorm zal toenemen. Volgens IT research instituut Gartner bedraagt de internationale markt voor cybersecurity in 2018 zo’n 95 miljard euro. Gea: “Dat zijn behoorlijke cijfers. Ik ben zelf digibeet, heb ook helemaal geen zin om me met dat soort zaken bezig te houden. Wat mijn beveiligingsbedrijf me vertelt, klinkt me als abracadabra in de oren. Maar, ik heb een goed gevoel bij ze – beveiliging is uiteindelijk een kwestie van vertrouwen.” Carlo: “Dat zien we vaker als we met ondernemers over online beveiliging praten: een gevoelskwestie. Terwijl het om kennis en feiten zou moeten gaan. Mkb’ers kunnen eenvoudig zelf stappen nemen om het risico op cybercrime kleiner te maken. Stap één: wees je bewust dat online zijn nieuwe risico’s met zich meebrengt, waar je je over moet laten informeren.” Gea: “Die risico’s zie ik wel. Criminelen zouden te weten kunnen komen hoe mijn klanten er financieel precies voorstaan, met informatie…

Lees verder
Stop De Vergoeding Van Traditionele Verpleeghuizen
  • 29-12-2016
  • Interview met Mieke Pigeaud

Stop de vergoeding van traditionele verpleeghuizen

De afgelopen vijf jaar heeft Ledenraadslid Mieke Pigeaud haar peettante begeleid, ze had Alzheimer. “Ik heb haar naar een verpleeghuis moeten verhuizen en toen gezien hoe zo’n instelling werkt: piepkleine kamertjes, weinig personeel, slecht eten. Mensen werden aan hun lot overgelaten.” Dat kan anders, vindt Mieke. In de werkgroep ‘Prettige oude dag’ wordt nagedacht over alternatieven. Mieke: “Als trainer en adviseur voor ondernemingsraden van zorginstellingen ken ik de wereld van de gezondheidszorg redelijk. Maar mijn achtergrond ligt in de financiële sector: ik ben geen zorgexpert. De ervaringen met mijn peettante gaven mij de drive om mij in te zetten voor betere leefomstandigheden voor ouderen. Dat doe ik in de werkgroep ‘Prettige oude dag’ van Vereniging Achmea. Daar passeren innovatieve alternatieven zoals de 0-tot-100-woning. Dat is een woning vol hulpmiddelen om ook op leeftijd op dezelfde plek te kunnen blijven wonen. Het voorlichtingsplatform ‘Vitaal ouder’ geeft informatie over hulpmiddelen en contacten, en onder de vlag ‘Ontroerend goed’ worden leegstaande kantoren omgebouwd tot kleinschalige woon-zorgvoorzieningen voor en met ouderen. De werkgroep biedt een platform om zulke ideeën te toetsen aan betrokken Ledenraadsleden zoals ik. Tot mijn vreugde worden onze reacties serieus opgepakt. Zo hebben we gewezen op het belang van duurzaamheid bij de 0-tot-100-woning: zonnecellen, perfecte isolatie. Ik heb twee drijfveren voor mijn rol in de Ledenraad van Vereniging Achmea: de levenskwaliteit omhoog brengen en de zorgkosten omlaag brengen. We geven in Nederland komend jaar 75 miljard euro uit aan zorgkosten, dat vind ik te veel. Er zijn nu 1,9 miljoen 70-plussers in ons land, in 2025 zelfs meer dan 2,5 miljoen. Negentig procent van hen wil zelfstandig wonen. Daar moeten we wat mee. Het bijzondere is: je kunt de zorgkosten omlaag brengen terwijl je de menselijke maat juist versterkt. Zo scheelt het begeleiden van mensen met dementie in de thuiszorg door gespecialiseerde verpleegkundigen volgens recent onderzoek van VUmc tot 16.000 euro per patiënt per jaar. Een alternatief voor de thuissituatie is dagopvang voor dementerenden in de eigen wijk: uit promotieonderzoek van Marijke van Haeften-van Dijk blijkt dat zulke behandelingen grote verbeteringen opleveren in gedrag en stemming. En voor mensen die niet meer thuis kunnen wonen, moeten we kleinschalige warme woonzorgcombinaties realiseren, in de buurt van mensen. In steden gebeurt dat al mondjesmaat en er liggen ook mogelijkheden in landelijke gebieden bij groeikernen. Zulke wooneenheden kennen geen enorme overhead. Overhead die momenteel wel naar verpleeghuizen weglekt. Dat betekent dus dat er snel afscheid…

Lees verder
Als Verzekerden Onderling Gaan We Profiteren Van Big Data
  • 29-12-2016
  • Interview met Edwin Schokker

Als verzekerden onderling gaan we profiteren van big data

Edwin Schokker is klant van Achmea en zowel lid van de Klantraad van Woonfonds als de Ledenraad van Vereniging Achmea. In zijn eigen vakgebied biedt Big Data volop kansen. Hij heeft zich verdiept in het gebruik van Big Data door verzekeraars. Wat houdt dit precies in voor hem en voor anderen? Weten ‘ze’ straks alles over ons? Of is dat nu al het geval? En wat zijn de gevolgen? Wat levert het ons op, welke voordelen gaan klanten merken? Praat mee! Edwin: ‘Vanuit mijn vakgebied (gebouwautomatisering en dan met name de klimaatbeheersing) is Big Data geen onbekende. Ook in mijn werk koppel ik gegevens aan installaties, om zo een gebouw ‘intelligent’ te maken. In mijn vakgebied noemen we dat ook wel ‘Smart Grid’ of ‘IOT’. Wij maken in de meeste gevallen geen gebruik van persoonlijke data, tenzij dat voor het te bereiken doel van belang is. Een voorbeeld is klimaatregeling op ruimteniveau. Hoe laat begint iemand? Hoe laat gaat hij weer weg? Welke temperatuur wenst hij? Nu rijst bij mij de vraag: hoe staat het met onze privacy? Hoe komen bedrijven überhaupt aan onze gegevens? Wat blijkt: ongemerkt geven we onze gegevens weg aan ‘Jan en alleman’. Dit onder andere door onbewust akkoord te gaan met leveringsvoorwaarden. Toegegeven, die lezen we eigenlijk nooit helemaal door. Een voorbeeld hiervan is menig parkeergarage. Heb je je weleens afgevraagd hoe het kan dat je in veel gevallen je uitrijkaart niet hoeft aan te bieden bij de uitrijpoort? Je auto wordt gefilmd bij de in- en uitgang. De slagboom opent, omdat jouw kenteken herkend wordt en aan de hand daarvan gezien wordt dat je betaald hebt. Hierdoor is een snelle doorstroming vanuit de parkeergarage mogelijk: een voorbeeld van hoe slimme data een voordeel kan zijn. Maar hoe weten we of de geregistreerde gegevens alleen gebruikt worden voor het doel wat men voor ogen had? Stel: je hebt een auto van de werkgever die je niet privé gebruikt. De kentekengegevens van de parkeergarage kunnen, omdat ze opgeslagen worden, door de Belastingdienst worden opgevraagd. Zij kunnen dan constateren dat je de auto toch privé hebt gebruikt. Wat zijn dan de consequenties? Een ander voorbeeld: sociale media. Ook hier geven we met z’n allen heel veel informatie weg. Denk aan ogenschijnlijk onschuldige berichten als: “Wij gaan volgende week op vakantie, zin in!”. Inbrekers kunnen hier dankbaar gebruik van maken. Nieuw is de slimme thermostaat. Het is mooi…

Lees verder
Robots Gaan Mensen In De Zorg Nooit Vervangen
  • 29-12-2016
  • Interview met Menno Kok

Robots gaan mensen in de zorg nooit vervangen

Ledenraadslid van Vereniging Achmea Menno Kok is directeur Benelux van EIT Health. Dat is een organisatie die in Europa de samenwerking stimuleert tussen instellingen, kennisinstituten en bedrijven in de gezondheidszorg. Welke technologische innovaties gaan de zorg de komende jaren veranderen? Menno: “Vroeger pushte het bedrijfsleven technologische vernieuwing: kijk eens, een ketting met noodknop voor ouderen! Die werd vervolgens in de kast gelegd, want het ding bleek in de soep te hangen en bovendien wilden mensen er niet mee gezien worden. Er liggen kerkhoven vol technologieën die niemand wilde hebben. Nu verandert dat: apparaatjes worden kleiner, slimmer en maken gebruik van persoonlijke data van de gebruiker. Er bestaat al zoiets als een brain machine interface, een chip onder de huid van je voorhoofd, die gedachten vertaalt naar bewegingen. Zo helpen exo-skeletten mensen die verlamd zijn weer lopen of dingen vastpakken. We denken bij robotisering natuurlijk eerst aan hulpbehoevenden, maar ze kunnen ook hulpverleners helpen. Fysiek zwaar werk kan beter door apparaten of met behulp van apparaten gedaan worden. Robots kunnen ook zorg in de eigen woonomgeving vereenvoudigen. En zulke thuiszorg leidt tot het trouwer volgen van behandelingen. Dat scheelt ook ritjes naar het ziekenhuis voor afspraken met medici. Allemaal winst. We dienen wel serieus om te gaan met angst voor technologie. We houden behoefte aan mensen in plaats van machines aan ons bed. Robots moeten naar mijn mening alleen extra klusjes verrichten bovenop menselijke activiteiten. Ze zullen mensen nooit vervangen – al helemaal niet omdat we een grote herwaardering zien van ‘offline’ sociale netwerken. De buurman is weer welkom aan het bed, om te kijken of alles goed is met opa. We zullen robots gaandeweg moeten toelaten, maar tegelijkertijd elke innovatie met z’n allen beoordelen: Klopt dit ethisch nog? Vinden we dit wel een verbetering? Wie is schuldig als een robot een fout maakt? Als je denkt aan een operatierobot, moet er natuurlijk altijd een menselijk alternatief achter de hand zijn voor als de robot er ineens mee ophoudt. Robots in de zorg gaan ons enorm helpen, maar ze zijn niet zaligmakend.”

Lees verder
Alleen Een Wijkgerichte Aanpak Kan Het Probleem Van Overgewicht Bij Kinderen Oplossen
  • 29-12-2016
  • Interview met Hans van Goudoever

Alleen een wijkgerichte aanpak kan het probleem van overgewicht bij kinderen oplossen

Ledenraadslid van Vereniging Achmea Hans van Goudoever ziet als kinderarts bij zowel het VUMC als het AMC te veel te dikke kinderen. Gedragsverandering is volgens hem nodig én een wijkgerichte aanpak. Hans: “In de Ledenraad is het mijn missie om preventie in de gezondheidszorg meer nadruk te laten krijgen. Verzekeraars betalen altijd achteraf, als zaken al zijn misgegaan. Ik denk dat door goede voorlichting en preventiemaatregelen veel gezondheidsproblemen kunnen worden voorkomen. Ik heb in mijn artsencarrière kinderen steeds zwaarder en dikker zien worden. Zo’n 12 procent van de Nederlandse kinderen heeft overgewicht. Dat komt voor een groot deel door de beschikbaarheid van eiwit- en energierijk eten en door een gebrek aan beweging. Alleen langdurige, intensieve samenwerking tussen de voedingsmiddelenindustrie, gemeenten, scholen, universiteiten, artsen en verzekeraars helpt om dat probleem bij de wortel aan te pakken. Zulke samenwerking is vorig jaar begonnen in Amsterdam: Achmea en de gemeente tekenden samen met meer dan twintig partijen uit de zorg- en welzijnsketen – GGD, kennisinstellingen, voedselproducenten – het Pact Gezond Gewicht. We spreken burgers aan op hun individuele voedingsgedrag, wijk voor wijk. Waarom deze wijkgerichte aanpak? Eens per 10 à 15 jaar wordt de ‘Landelijke Groeistudie’ uitgevoerd, de vijfde studie* werd in 2010 gepubliceerd. In achterstandswijken blijkt het probleem indrukwekkend groter, culturele verschillen spelen hierbij een rol. Dat zit hem enerzijds in de opvoeding: geef je je kind iets gezonds mee naar school? Maar er zijn ook genetische oorzaken, die samenhangen met afkomst. Het blijft natuurlijk razend moeilijk om gedrag te veranderen. Er is altijd wel een reden om achter een schermpje te duiken en niet het sportveld op te gaan, om toch die zak chips weer open te trekken. Dus moeten ouders, scholen, overheden en verzekeraars op buurtniveau samenwerken om vaste patronen te doorbreken, ook al zijn die door cultuur bepaald. Het kan wel werken: het uitdelen van flesjes water in plaats van limonade op een Amsterdamse school leidde onlangs binnen no-time tot gemiddeld anderhalve kilo gewichtsverlies bij de leerlingen die aan de test meededen. Verzekeraars pakken hun rol nog maar mondjesmaat. Nu is het vooral Zilveren Kruis dat zich op het gebied van preventie onderscheidt. Verzekeraars zouden moeten zeggen: dit is een kwestie van nationaal belang, laten we dit samen aanpakken. Kwetsbare doelgroepen moeten zij daarbij extra in het vizier krijgen. Als we obesitas kunnen voorkomen, zullen de zorgkosten minstens een kwart omlaaggaan, ik zou niet gek staan kijken als het…

Lees verder